Archeologische bewijzen tonen aan dat vanaf 100.000 geleden verschillende etnische groepen met vergelijkbare culturen op het Iraanse plateau leefden. Maar er was heel weinig bekend over deze culturen tot de Arische migranten ongeveer 90.000 jaar later zich daar vestigden. Desalniettemin hebben archeologische ontdekkingen aangetoond dat de mensen die vóór de Ariërs in dat gebied woonden, vredelievende boeren waren met artistieke aard.

Taalkundig betekent Iran het land van de Ariërs, de oostelijke tak van de Indo-Europeanen. Een groep Ariërs (of Indo-Iraniërs) die rond 5000 voor Christus vanuit Centraal-Azië naar het Iraanse plateau migreerden, worden verondersteld de directe voorouders te zijn van huidige Iraniërs. Dit heeft veel historici aangemoedigd om de geschiedenis van Iran te beginnen vanaf de Arische migraties of de oprichting van de eerste Arische politieke macht, het Achaemenidische Rijk. Tegelijkertijd is het waar dat lang voordat de Ariërs Iran binnenstroomden, verschillende volkeren met gevestigde beschavingen en koninkrijken het land bewoonden. Deze dynastieën die vóór de komst van de Ariërs in verval waren geraakt of door hen werden verslagen, hadden een uitgebreid systeem van internationale handel en betrekkingen met andere beschavingen van hun tijd, zo ver in het westen als Egypte en misschien Zuid-Europa en naar China in het oosten. In de 6e eeuw voor Christus stichtte Cyrus de Grote het Perzische Rijk, dat in 330 voor Christus werd verwoest door Alexander de Grote.

In de eeuwen daarna werd Perzië beheerd door Grieken, Parthen en Sassaniden tot de Arabische invasie in het midden van de 7e eeuw, toen de oude Perzische religie van het Zoroastrisme plaats maakte voor de Islam. Vier eeuwen later, in de 11e eeuw, arriveerden de Seltsjoekse Turken, gevolgd door de Mongolen onder leiding van Genghis Khan en zijn kleinzoon Hulagu Khan in de 13e eeuw en Tamerlane (Timur) in de 14e eeuw.

Een andere Turkse dynastie uit de regio Azerbeidzjan genaamd Safaviden, nam in de 16e eeuw de macht over. Safaviden behoorden tot een soefi-religieuze orde en maakten van de sjiitische islam de officiële religie van Iran om zich tegen de soennitische Ottomanen kunnen verzetten. De dynastie van de Safaviden bereikte zijn hoogtepunt tijdens het bewind van Sjah Abbas de Eerste (1587-1629). Het was tijdens zijn regering dat Perzië opnieuw bekend werd in Europa als een supermacht, omdat het de grootste tegenstander van de Ottomanen was, en hun oorlogen Europa redden, de Ottomanen waren intensief bezig in het oosten en vochten tegen Iran, om vooruitgang te boeken in het westen.

Als we het historisch Iran willen begrijpen moeten we beginnen met de Elamieten, de oorspronkelijke (Arische) bevolking van het Iraans Plateau. De Elamieten beheersten belangrijke gebieden in het Midden-Oosten, zoals Babylon, Sumer en Assyrië. De Assyrische inscripties tonen de macht van Elam en laten zien dat Iran een land was dat reeds sinds 3500 v.Chr. een beschaving kende.

De Elamieten kozen Susa als hun hoofdstad en regeerden over de regio’s van Khuzestan, Lorestan en de Bakhtiari bergen, maar werden overwonnen door de Assyrische koning, Assurbanipal in 645 v.Chr. Het volk van deze Ariërs werd opgedeeld in verschillende stammen toen zij uitweken naar het Iraans Plateau en iedere stam werd verdeeld naar verschillende plaatsen op het Plateau. De belangrijkste Arische stammen waren de Meden, Perzen en Parthen.

Aan het begin van de 7de eeuw v.Chr., stichtte Deioces de dynastie van de Meden, met Ecbatana (nu Hamadan) als hoofdstad, ze woonden ook in Azerbaijan en Koerdistan. Verscheidene jaren later slaagden zij erin om de grote macht in Mesopotamië uit te schakelen, nl de Assyriërs, maar zij werden uiteindelijk overvleugeld door de stam van de Perzen.

Het volk van de Perzen vestigden het grote Achaemenidische Rijk, als eerste geregeerd door Cyrus de Grotein 550 v.Chr. Gedurende deze periode bereikte Iran zijn piek op het gebied van politiek en verwezenlijkte zijn grootste geografische uitbreiding. De regerende koningen slaagden erin om Babylon te elimineren en voerden talrijke oorlogen met de Grieken.

In de tijd van Darius en Xerxes was het Achaemenidische Rijk stabiel en op zijn hoogtepunt. Echter, zoals bij andere dynastieën, ging het bestuur gebukt onder interne conflicten en verval van macht. Uiteindelijk werd het door het Griekse leger, aangevoerd door Alexander de Grote, aan de kant gezet in 330 v.Chr.

Na de dood van Alexander de Grote, werd zijn rijk verdeeld onder zijn bevelhebbers en Iran viel in de handen van Seleucus en zijn opvolgers, voor de volgende 73 jaar. Een aantal historici geven er de voorkeur aan om dit tijdperk het Interval tijdperk te noemen, vanwege de introductie van het Filhellenisme (Griekse culture) in Iran en de invloed ervan op de Iraanse kunst en beschaving.

De Parthen slaagden er geleidelijk in om een aantal streken aan de invloedssfeer van de the Seleuciden te onttrekken en tenslotte, in 247 v.Chr., stichtte Arsaces I de dynastie van de Parthen, die duurde tot 224 n.Chr., d.w.z. voor 471 jaar. Het bestuur van de Parthen was, in de geschiedenis van Iran, het enige systeem dat uitging van het feodale principe.

De meest saillante kenmerken van dit tijdperk waren de vrijheid van meningsuiting en godsdienstige tolerantie. De Parthen staan ook bekend om hun talrijke uitputtende veldslagen tegen de Romeinen; deze oorlogen waren meestal vruchteloos en deden niet anders dan het land verzwakken. Het bestuur van de Parthen, dat bekend staat als de langst durende dynastie in Iran, werd uiteindelijk door Ardashir Babakan– de stichter van het Sassanidische Rijk- vernietigd, na bijna vijf eeuwen aan de macht te zijn geweest.

De Sassaniden, als de laatste pre-Islamitische dynastie in Iran, kwamen aan de macht in de stad Persis, dat door de inwoners Iranshahr werd genoemd, zij beschouwden zichzelf als de afstammelingen van de Achaemeniden. De Sassanidische dynastie nam met Ardashir Babakan de macht over omstreeks 224 n.Chr., maar in tegenstelling tot de situatie bij de Parthen, was het machtssysteem centralistisch.

De officiële godsdienst in deze periode was het Zoroastrisme, die niet was gescheiden van het regeringssysteem, wat leidde tot een grote macht voor de Magi (priesters). De Sassaniden regeerden 427 jaar over Iran, waarbij de koningen alleen geïnteresseerd waren in een luxe en aristocratisch leven, met als resultaat een wijder wordende sociale kloof tussen burgers en het hof.

Bovendien werd de bevolking ontevreden over de religieuze strengheid van de Zoroastrische priesters. Dit resulteerde in het verval van het Sassanidisch bestuur en dit werd uiteindelijk definitief verslagen door de Arabieren. Met de aftakeling van de Sassanidische macht begon de tijd van de Islam voor Iran.