Irans optreden tegen dissidenten sinds de controversiële verkiezingen in juni 2009 zijn ‘breder van schaal en de schendingen zijn flagranter dan eerder werd gerapporteerd,’ volgens een rapport van Human Rights Watch.

De 19 pagina’s van het rapport vermelden ‘wijdverbreide schending van de mensenrechten, waaronder buitengerechtelijke moorden, verkrachtingen en martelingen, schending van het recht op vrijheid van vergadering en meningsuiting, en duizenden willekeurige arrestaties en inbewaringstellingen van dissidenten sinds de verkiezingen,’ verklaarde de groep afgelopen woensdag.

De Iraanse overheid probeert vieringen van gedenkdagen te gebruiken om ‘de aandacht af te leiden het feit dat zij op grote schaal de mensenrechten schenden,’ zei Joe Stork, plaatsvervangend directeur Midden-Oosten bij Human Rights Watch. ‘De overheid zou juist de gelegenheid moeten aangrijpen om de daders ter verantwoording te roepen,’ zei hij.
Het rapport van de onafhankelijke Human Rights Watch is gebaseerd op ‘uitgebreide telefonische interviews en e-mailcorrespondentie met demonstranten, journalisten, verdedigers van de mensenrechten en familieleden van gevangen politieke activisten.’

Op 26 juni 2009 organiseerden bewakers van de Kahrizak-gevangenis buiten Teheran weer ‘schijnexecuties, waarbij ze mensen die om water of om het toilet vroegen vervloekten en willekeurig afranselden,’ vertelde een niet nader genoemde voormalige gevangene aan HRW.

Vervolgens vertelde de ex-gedetineerde in grafische details hoe hij in zijn maag werd geschopt tot hij bloed opgaf nadat hij had geprotesteerd, en werd gesodomiseerd tot hij bewusteloos raakte.

Volgens HRW gebeurden de ergste schendingen ‘tegen gewone demonstranten op politiebureaus en in detentiecentra, met het detentiecentrum Kahrizak als het meest berucht detentiecentrum.

‘Ten minste drie gedetineerden overleden als gevolg van aldaar opgelopen verwondingen, zoals een parlementaire enquête heeft erkend. Voormalige gevangenen in detentiecentra van de politie hebben aangegeven dat autoriteiten hen seksueel mishandelden en verkrachtten terwijl ze in bewaring werden gehouden.’
Autoriteiten mishandelden ook gedetineerden in Evin, ‘een groot gevangeniscomplex waar Human Rights Watch al eerder systematische schendingen heeft vastgesteld’, luidt de verklaring.

De Iraanse regering ‘gaat door met de campagne van intimidatie, arrestatie en veroordelingen van mensen voor het vreedzaam uitoefenen van hun recht op vrijheid van meningsuiting en vergadering. De overheid heeft de strafcampagnes niet beëindigd en de daders niet aansprakelijk gesteld, ‘ volgens HRW . (AFP – 11 feb, 2010)