26 mei 2024 – Na de dood van de president van het Iraanse Regime, Ebrahim Raisi, eisen mensenrechtenverdedigers dat er moet worden doorgegaan met de inventarisatie van de door hem begane misdaden tegen het volkerenrecht. De internationale gemeenschap moet zijn inspanningen bij het onderzoek naar deze misdaden en de strafrechtelijke vervolging van andere, voor soortgelijke daden verantwoordelijke regime-functionarissen, continueren.

Talrijke betrouwbare documenten bewijzen, dat de op 19 mei, bij het neerstorten van een helikopter om het leven gekomen Raisi tientallen jaren een actieve rol heeft vervult bij de misdaden van het Iraanse regime tegen het volkerenrecht. Mensenrechtendeskundigen hebben al jaren lang gepleit voor een strafvervolging van Raisi.

Amnesty International verklaarde op 22 mei, dat de mensen in Iran verder het recht hebben op rechtvaardiging, waarheid en herstel vanwege de talrijke misdaden tegen het volkerenrecht en de schending van de mensenrechten, waarvoor Raisi sinds de jaren vanaf 1980 in verschillende machtsfuncties verantwoordelijk was.

„Tegen Ebrahim Raisi had, toen hij nog leefde, strafvervolging moeten worden ingesteld, onder andere voor misdaden tegen de menselijkheid zoals moord, verdwijningen en marteling. Zijn dood mag geen aanleiding worden tot het onthouden van de waarheid en het verloop van de gebeurtenissen aan de families van de slachtoffers. Alle anderen, die bij zijn misdaden betrokken waren, moeten rekenschap afleggen“, zei Diana Eltahawy, plaatsvervangend regiodirecteur van Amnesty International voor het Nabije-Oosten en Noord-Afrika.

Diana Eltahawy wees erop, dat er in Iran voor bedrijvers van misdaden tegen het volkerenrecht en van schendingen van de mensenrechten al tientallen jaren sprake is van straffeloosheid. De internationale gemeenschap moet nu optreden, zodat de daders gedwongen worden om rekenschap af te leggen. In Iran kunnen de verantwoordelijken voor zulke misdaden zich niet alleen onttrekken aan hun verantwoordelijkheid, ze worden zelfs overladen met lof en verwerven de hoogste posities in de onderdrukkingsmachinerie. Daarom zou in landen, die handelen volgens de beginselen van het volkerenrecht, strafrechtelijke onderzoek moeten worden uitgevoerd naar Iraanse functionarissen, die verdacht worden van misdaden tegen het volkerenrecht, om te verzekeren dat de daders voor het gerecht zullen worden gebracht en dat zij rekenschap moeten afleggen over de door hen gepleegde misdaden.

 

Slachtoffers van de massale terechtstellingen van politieke gevangenen in het jaar 1988

Volgens Amnesty International heeft Ebrahim Raisi, die in 1980 op een leeftijd van 20 jaar tot openbare aanklager in Karaj in de provincie Alborz benoemd werd, verschillende leidinggevende justitie- en regeringsfuncties bekleed, voor hij in 2021 president werd. In de 80-er jaren van de vorige eeuw was hij direct betrokken bij verdwijningen en buitengerechtelijke terechtstellingen van duizenden politieke dissidenten. In latere jaren was hij verantwoordelijk voor onwettige terdoodbrenging, willekeurige arrestaties en marteling van duizenden demonstranten, de gewelddadige vervolging van vrouwen en meisjes en andere ernstige mensenrechtenschendingen.

Achtergrond

Massamoord op politieke gevangenen in 1988

Ebrahim Raisi heeft bij de massale terechtstellingen in het jaar 1988 een belangrijke rol gespeeld. Het gaat hierbij om een door de staat georganiseerde massamoord, die in de zomer en herfst van 1988, op bevel van de toenmalige Leider van het regime, Khomeini, op politieke gevangenen in geheel Iran werd uitgevoerd. Volgens schattingen werden bij deze massamoord zo’n 30000 gevangenen het slachtoffer. Ze werden met opzet vermoord om elke weerstand tegen de dictatuur in de kiem te smoren. De terechtgestelden werden door hun beulen in naamloze massagraven gestopt. Familieleden werden geïntimideerd en bedreigd, zodat er geen informatie over de massamoord naar buiten kwam.
Over de terechtstellingen werd besloten door de „Doodscommissies“, die de gevangenen in processen, die maar een paar minuten duurden, groepsgewijs ter dood veroordeelden. De doodscommissie, die besluiten nam over de executies in de gevangenissen in het gebied Teheran, werd geleid door vier personen. Een van hen was Ebrahim Raisi. Alleen al in de gevangenissen Evin en Gohardasht, waarvoor Raisi verantwoordelijk was, werden duizenden terechtstellingen uitgevoerd.

Slachtoffers van de vreedzame demonstraties in het jaar 2019

Massamoord op vreedzame demonstranten in de jaren 2019 en 2022

Raisi was ook medeverantwoordelijk voor de moord op meer dan 2000 demonstranten bij de protesten in het gehele land, in november 2019 en in de herfst van 2022. Toen door het gehele land burgers, zowel mannen als vrouwen, tegen de dictatuur protesteerden, hebben regime-milities bijeenkomsten van vreedzame demonstranten met scherpe munitie beschoten. Onder de doden waren talrijke vrouwen en kinderen. Duizenden demonstranten werden gewond. Raisi was in 2019 het hoofd van het justitiële apparaat van het regime en in 2022 de president ervan, hij behoorde tot de autoriteit, die verantwoordelijk is voor deze massamoorden.

Wrede onderdrukking en terechtstelling van demonstranten 2019 tot 2024

Bovendien was Raisi medeverantwoordelijk voor de wrede onderdrukking, die volgde op de protesten voor de vrijheid van november 2019 en de herfst van 2022 en die doorgaan tot op de dag van vandaag. Hij is verantwoordelijk voor massa arrestaties in het gehele land en martelingen in de gevangenissen. Veel demonstranten werden in showprocessen tot langjarige gevangenisstraffen en ter dood veroordeeld. Raisi draagt de verantwoordelijkheid voor de executie van vreedzame demonstranten in de jaren 2019 tot 2024.

Internationale strafververvolging volgens de uitgangspunten van het Wereldrecht is noodzakelijk

Verdedigers van de mensenrechten zetten zich in voor een internationale strafvervolging, zodat deze misdaden tegen het volkerenrecht onderzocht kunnen worden en de daders, waarvan velen tegenwoordig deel uitmaken van het bestuur van de dictatuur in Iran, ter verantwoording worden geroepen.

Op grond van de beginselen van het wereldrecht kunnen misdaden tegen het volkerenrecht vervolgd worden, onafhankelijk van het land waar ze begaan zijn. Het beginsel van het wereldrecht is van toepassing bij misdaden als volkerenmoord, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdaden. De strafbare feiten verjaren niet.
Alleen als een eind komt aan de huidige straffeloosheid, kunnen huidige, ernstige schendingen van de mensenrechten en de terechtstellingen worden gestopt.