Iran wordt geconfronteerd met een stille, maar ernstige milieuramp. Tientallen jaren van overgebruik van de waterreserves, het illegaal graven van putten en de bouw van grote waterkeringen hebben de balans in de grondwaterstand verstoord, met dramatische gevolgen. In veel gebieden daalt de bodem. Bodemdaling komt nu in grote delen van het land voor, met name rondom Teheran, Yazd en Isfahan. Satellietbeelden laten zien dat de bodem in Teheran, in sommige gebieden, meer dan 25 cm per jaar zakt. Dit is geen langzaam, natuurlijk proces, maar een direct resultaat van het, door de landbouw bovenmaats onttrekken van grondwater uit de reserves — veel ervan wordt afgetapt uit illegale putten.
De oorzaak van de crisis
De oorzaken zijn divers: Vanaf de Islamitische Revolutie in 1979 is Irans bevolking gegroeid van 37 miljoen naar 86 miljoen. Daarbij komt een hausse in het aantal nieuwe stuwdammen, dat het overgebruik van grondwater heeft geïntensifieerd. Echter, de voornaamste oorzaak is het niet-duurzame watermanagement. Ongeveer 90% van Irans watervoorraad wordt gebruikt voor de landbouw — vaak via ouderwetse, open kanalen, wat resulteert in een aanzienlijk verlies door verdamping. Ondertussen worden natuurlijke reservoirs steeds kleiner. Het grondwaterniveau rondom Teheran daalde tussen 1984 en 2011 met 12 meter. Rivieren zoals de Zayanderud in Isfahan bevatten het jaar door niet altijd water, of zijn geheel drooggevallen. Stuwdammen, stroomopwaarts, gekoppeld aan verplaatsing van water naar andere gebieden, hebben vele ecosystemen pijn gedaan.
Om de crisis het hoofd te bieden gaan autoriteiten en boeren in toenemende mate over tot het steeds dieper graven naar grondwater. In 2022 waren 320000 illegale putten gegraven. Maar hoe dieper de putten, hoe ernstiger de schade: ondergronds water wordt sneller opgepompt dan het kan worden aangevuld door regenval of instroom. De bodem verliest zijn elasticiteit, klinkt blijvend in en begint te dalen.
Historische en culturele impacts
Een van de gevolgen van deze crisis is de vernietiging van historische structuren. In Isfahan, duiken scheuren op in oude moskeeën en paleizen. Zelfs qanat-schachten, oude ondergrondse bewateringsystemen, verliezen hun samenhang door de inklinkende grond en storten in. Deze qanats, eens een duurzame vorm van bevloeiingssystemen, lopen nu gevaar, vergezeld niet alleen van verdwijning van kostbaar water, maar ook van een deel van ‘s lands culturele erfenis.
Qanats: een 2500-jaar-oude duurzame oplossing
Qanats (ondergrondse aquaducten) werden 2500 jaar geleden ontwikkeld door Iraanse ingenieurs in de dorre hooglanden van Iran. Deze ondergrondse kanalen maken gebruik van de hellingen in het gebied om water vanaf de hoger gelegen grondwaterspiegel naar de lager gelegen, te besproeien, velden te geleiden — hierbij wordt alleen gebruik gemaakt van de zwaartekracht, er zijn geen pompen nodig. Schachten voor onderhoud en ventilatie vanaf het kanaal naar boven, werden op regelmatige afstanden aangebracht. Qanats waren niet alleen vernuftig geconstrueerd, maar ook ecologisch voordelig: Ze beschermden het water voor verdamping, voorkwamen verspilling en maakten een stabiele landbouw mogelijk voor de volgende eeuwen, zelfs in woestijnachtige gebieden.
Op een gegeven ogenblik waren er in Iran meer dan 30000 van deze systemen. Nu functioneert daarvan nog maar zo’n derde deel. Velen ervan zijn vol gestort, verwoest, of gewoon vergeten. Toch is er sprake van een groeiende internationale interesse voor dit model — deels omdat dergelijke systemen ook bestaan in Latijns-Amerika en Noord-Afrika. In Yazd, een van Irans droogste steden, worden qanats nog steeds gebruikt. De stad werd aangewezen als UNESCO World Heritage site in 2017— deels vanwege zijn traditionele water-technologie.
Kan de toekomst in het verleden liggen?
Veel deskundigen zeggen: Ja, tenminste gedeeltelijk. Herbouw van goed functionerende qanats kan helpen om grondwater efficiënter en duurzamer te gebruiken. Maar deze traditie alleen zal het probleem niet oplossen. Een radicale ommekeer is noodzakelijk: moderne water-technologie, efficiënte irrigatie, rigoureus waterbeheer— en bovenal, een cultuur van een open oog bij het managen van deze vitale hulpbron.
Een Iraanse milieu-ingenieur schrijft gericht in haar scriptie over mogelijkheden tot vergroening in de droge en halfdroge steden : “Teheran zwemt in een zee van afvalwater, terwijl de bodem uitdroogt.” Ze betoogt dat de behandeling van afvalwater zorg kan dragen voor voldoende water, niet alleen voor openbare parken, maar ook voor stedelijke tuinbouw. Het gebruik van behandeld afvalwater en water uit andere bronnen, zoals qanats en rivieren, kan het gebrek aan water in de warmere maanden verminderen. Haar oproep: Alleen een allesomvattend, lange-termijn plan — waarbij de bevolking wordt betrokken — kan het bestaan van toekomstige generaties verzekeren.
Een qanat is een ondergronds aquaduct waarmee grondwater uit de bergen naar lagergelegen gebieden wordt getransporteerd. Een qanat wordt meestal gevoed door een aquifer, een grondwaterhoudende laag. Het verval, het hoogteverschil tussen bron en bestemming, zorgt ervoor dat de zwaartekracht het water naar de uitstroom geleidt.
De qanat ontstond in de oudheid in Noordwest-Iran waarschijnlijk in het eerste millennium v. Chr., mogelijk zelfs eerder.[3][4] Een qanat werd met de hand uitgegraven, waarbij op regelmatige afstanden verticale schachten werden aangelegd om mensen en materieel aan en af te voeren en puin te verwijderen. Met het bouwen van een qanat waren grote investeringen gemoeid en de aanleg vergde jaren of zelfs decennia.
De technologie werd vanuit Iran verspreid en thans vindt men qanats van Japan tot in Marokko en zelfs enkele in Amerika. Sinds de jaren zeventig zijn er nauwelijks meer nieuwe aangelegd. De bestaande qanats zijn echter groot in aantal en veel daarvan leveren nog water, sommige al gedurende honderden jaren. In Iran zijn in het begin van de 21ste eeuw nog duizenden qanats in gebruik, die water leveren voor miljoenen mensen en hun akkers.









