11 juli 2018-De Internationale Liga voor Mensenrechten eist de onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van de advocates Nasrin Sotoudeh en Zeinab Taheri, die in Iran vastzitten vanwege hun inzet voor de rechten van hun cliënten.

 De internationale Liga voor Mensenrechten, die zetelt in Berlijn, protesteert in de scherpste bewoordingen tegen de willekeurige gevangenschap van de Iraanse advocates Nasrin Sotoudeh en Zeinab Taheri (foto), die sinds midden juni in Iran gevangen genomen zijn. In de persverklaring van de Liga staat hierover onder andere:

Naar aangifte van het Observatorium voor de bescherming van mensenrechtenverdedigsters (FIDH/OMTC) werd mensenrechtenverdedigster Nasrin Sotoudeh, die in 2012 de Sacharov-prijs voor geestelijke vrijheid ontving van het Europees Parlement, op 13 juni opgepakt en zit zij sindsdien in de Evin gevangenis in Teheran.

Sotoudeh werd tijdens haar arrestatie door de Iraanse veiligheidsbeambten verteld dat zij een straf van 5 jaar kon verwachten, die haar bij verstek was opgelegd. Zij werd noch over de reden van dit vonnis noch over haar rechtsmiddelen ingelicht.

Volgens nieuwe opgaven van de “Liga ter verdediging van Mensenrechten in Iran e.V” _ FIDH lid met zetel in Parijs – heeft de Iraanse Justitie Sotoudeh samenzwering, aanstichting en propaganda tegen de Iraanse staat ten laste gelegd, en zou zij in elk geval tegen betaling van een borgsom van ongeveer Euro 80.000 voorlopig worden vrijgelaten. Dat heeft Sotoudeh afgewezen omdat ze de gevangenname en de beschuldigingen houdt voor ongegrond en uit de lucht gegrepen.

Nasrin Sotoudeh werd vanwege haar inzet voor de verdediging van mensenrechten in Iran al vaak in het verleden slachtoffer van willekeur van de Iraanse Justitie. In september 2010 kreeg ze een straf van 6 jaar, maar werd zij door nationale en internationale druk tenslotte na 3 jaar ontslagen uit de gevangenis. Sindsdien wijdt Sotoudeh zich weer aan haar werk voor bescherming van mensenrechten. Laatst verdedigde zij voor de rechtbank een paar van de 36 vrouwen die tegen de dwang van het dragen van de hoofddoek protesteerden, en die als “Dochters van de Revolutiestraat” bekend geworden waren.

Net zó aansprekend was het bericht van het Observatorium, dat op 19 juni de advocate Zeinab Taheri werd opgepakt en dat zij sindsdien vastzit in de Quarchack vrouwengevangenis in eenzame opsluiting.

Zeinab Taheri wordt beschuldigd van “verstoring van de publieke mening”, “publicatie van leugens” te hebben gepleegd zoals “propaganda tegen de Iraanse staat”.

Haar laatste zaak voor haar arrestatie was die van Mohammad Salas. Zij en zette zich verbeten, maar tevergeefs, in voor een herziening van zijn rechtszaak. Daarbij toonde Taheri vooral de onder marteling verkregen en later weer herroepen bekentenis door haar cliënt, en ook de oneerlijke procedure. Een dag na de executie van Salas werd Taheri gevangen genomen.

De Iran werkgemeenschap van de Internationale Liga voor Mensenrechten sluit zich aan bij de eisen van het Observatorium voor de bescherming van Mensenrechtenverdedigsters, en protesteert scherp tegen de willekeurige gevangenneming van Sotoudeh en Taheri, en ook tegen de eenzame opsluiting. Zij eist onmiddellijke en onvoorwaardelijke vrijlating van beide advocates onder borgstelling van hun lichamelijke en psychische integriteit.