Op het moment dat hij nog een baby is wordt de Perzische prins Cyrus II al ter dood veroordeeld door de koning van de Meden. Hij weet echter te overleven en slaagt er later zelfs in de Medische koning af te zetten. Vervolgens begint hij aan een reeks grootschalige veroveringen en laat hij zich uiteindelijk kronen tot Cyrus de Grote, Koning van de vier uithoeken van de wereld.

Cyrus II de Grote werd vermoedelijk geboren tussen 600 en 599 voor Christus of tussen 576 en 575 voor Christus. Hij was de oudste zoon van Cambyses I, de koning van Anshan en tegelijkertijd de vazal van Astyages, koning van de Meden. Volgens de Griekse dichter Heredotus had Astyages na de geboorte van Cyrus II een droom waarin hij zag hoe Cyrus hem later af zou zetten. De Medische koning gaf zijn generaal Harpargus daarom opdracht het kind te doden.

Herderszoon
Harpargus kon het echter niet over zijn hart verkrijgen om een kind te vermoorden. Hij besloot de jonge Cyrus te verwisselen met het lichaam van een doodgeboren kind van een lokale herdersfamilie. Lange tijd had Astyages niets in de gaten, totdat ‘herderszoon’ Cyrus op tienjarige leeftijd zelf aan het hof verscheen. De koning van de Meden herkende zijn nageslacht meteen en had door dat Harpargus hem verraden had, waarop hij besloot diens zoon te vermoorden. Vervolgens gaf hij opdracht het vlees van de generaalszoon te grillen en liet hij het tijdens een banket opeten door Harpargus.

Opstand van Cyrus
Het leven van Cyrus werd echter gespaard en hij kreeg toestemming op terug te keren naar zijn biologische ouders. In 559 voor Christus volgde hij zijn vader Cambyses op als koning der Perzen, maar nog steeds als vazal van Astyages. Al snel werd Cyrus echter benaderd door generaal Harpargus, die hem opriep in opstand te komen tegen de Medische koning. In de zomer van 553 voor Christus verklaarden de twee gezamenlijk de oorlog aan Astyages en binnen vier jaar veroverden zij Edbactana, de zetel van het Medische koning.

Koning der Perzen
Cyrus liet zich uitroepen tot koning van het nieuwe Perzische rijk, met Harpargus als een van zijn belangrijkste generaals. Vervolgens dwong hij alle vazallen van het Medische rijk een eed van trouw aan hem af te leggen, waardoor hij in een klap de macht kreeg over een groot gebied. Over het lot van Astyages is niets zeker, maar sommige bronnen vermelden dat Cyrus de voormalige koning in leven liet en hem benoemde als satraap (gouverneur) van een provincie.

Oorlog tegen Lydië
In het voorjaar van 547 voor Christus werd het Perzische rijk aangevallen door de legers van Croesus, de koning van Lydië. Hij slaagde erin enkele Perzische steden te veroveren, maar werd daarna al snel teruggedreven door de legers van Cyrus tijdens de bloederige slag van Pteria. Beide heersers realiseerden zich dat ze versterkingen nodig hadden en riepen hun bondgenoten op meer troepen te sturen. Uiteindelijk wist Cyrus sneller een nieuw leger op de been te brengen, wat hem een groot voordeel opleverde.

Slag van Thymbra
Later dat jaar ontmoetten beide heersers elkaar wederom op het slagveld, ditmaal bij de stad Thymbra. Voor de slag gaf Harpargus Cyrus het advies om de dromedarissen voor het leger te zetten, aangezien de Lydische paarden niet gewend waren aan de geur van de beesten. De strategie bleek succesvol: de cavalerie van de Lydiërs sloeg op de vlucht en het leger van Cyrus won de slag. Koning Croesus werd gevangen genomen en een jaar later veroverde Cyrus de Lydische hoofdstad Sardis.

Neo-Babylonische rijk
In het jaar 540 voor Christus organiseerde Cyrus vervolgens een invasie van het Neo-Babylonische rijk. Na een grote overwinning bij de slag om Opis, waar 200.000 Perzen het opnamen tegen ‘slechts’ 70.000 Babyloniërs, ondervond hij verder maar weinig verzet. Op 29 oktober arriveerde Cyrus in de hoofdstad Babylon, waar hij de Babylonische koning Nabonidus gevangen nam. Vervolgens liet hij zich uitroepen tot ‘Koning van de vier uithoeken van de wereld.’

Dood en nalatenschap
Ondanks deze indrukwekkende titel was Cyrus nog niet tevreden met zijn veroveringen. Na de val van Babylon trok de Perzische koning naar de Kaspische zee, waar hij de nomadische stam van de Massageten wilde onderwerpen. Volgens Herodotus kwam Cyrus vervolgens om het leven tijdens een grote veldslag, maar precieze details over zijn doodsoorzaak ontbreken. In ieder geval werd hij in 530 voor Christus opgevolgd door zijn oudste zoon Cambyses II. Op het moment van zijn dood heerste Cyrus de Grote over het grootste rijk dat de geschiedenis tot dan toe gekend had.

 

Cyrus de Grote, stichter van het Perzische Rijk

Cyrus II, ook bekend als Cyrus de Oudere of Cyrus van Perzië, was de stichter van het Perzische Rijk. Als Shāhanshāh, koning van koningen, veroverde hij onder andere Medië, Lydië en Babylon. Hij behoorde tot het geslacht der Achaemeniden, de voornaamste familie binnen de Pasargadae, de belangrijkste Perzische stam. Het Achaemenidische koningshuis zou regeren tot het Perzische Rijk in 330 v. Chr. wordt verslagen door Alexander de Grote. Ook Darius en Xerxes, twee andere beroemde Perzische heersers, behoren tot de Achaemeniden.

Man van twee horens
Volgens de historicus Plutarchus is de naam Cyrus afgeleid van het woord kuros, dat zon betekent. De naam Cyrus wordt daarom door sommigen vertaald met als de zon’. De Perzische heerser wordt in de bijbel Kores of Cores genoemd. Vermoedelijk komt Cyrus ook voor in de Koran als Dhul-Qarnayn, ‘De man van de twee horens’. Hiermee wordt gedoeld op de twee ‘horens’ van de zon: het oosten en het westen. Dhul-Qarnayn is ‘hij die Oost en West veroverde’.Volgen anderen wordt hiermee Iskander, de Perzische naam voor Alexander de Grote, mee bedoeld.

Cyrus is ergens tussen 600 en 576 v. Chr. geboren. We weten weinig van zijn jonge jaren. Wat we weten, is ons vooral overgeleverd door Herodotus. Volgens de legendarische historicus droomt Astyages, de koning van Medië, dat zijn kleinzoon hem van de troon zal stoten. De vorst is vastbesloten dit noodlot af te wenden. Hij huwt zijn dochter Mandane uit aan Cambyses, vorst van Anshān, een nietig Perzisch vazalstaatje van het machtige Medië.

Wijnstok
Als Mandane zwanger is, droomt Astyages weer. Tussen de benen van zijn dochter groeit een wijnstok. De plant groeit en groeit tot deze een schaduw werpt over heel Azië. Astyages geeft zijn hofdienaar Harpagus bevel het inmiddels geboren kind te vermoorden. De dienaar kan dit echter niet over zijn hart verkrijgen. Hij geeft de zuigeling aan een herder die zich over Cyrus ontfermt en opvoedt.
De jonge Cyrus groeit op. Zijn adellijke gedrag en voorkomen, en de gelijknissen met zijn grootvader, blijven niet onopgemerkt. Astyages ziet dit ook. Hij ondervraagt Harpagus en ontdekt het verraad. De vorst laat de hofdienaar als wraak zijn eigen zoon opeten.

De regio ten tijde van het Medische Rijk

Opstand
In 552 v. Chr. overlijdt Cambyses van Anshān en zeven jaar later bestijgt Cyrus de troon. De vazalstaat komt in opstand tegen de Medische overheersing. Met hulp van de overgelopen Harpagus, door Astyages benoemd tot opperbevelhebber, verovert Cyrus in 549 uiteindelijk de stad Ecbatana en hiermee het Medische Rijk. Cyrus is nu heerser van Meden en Perzen. Niet ver van Persepolis zal hij zijn hoofdstad Pasargadae bouwen.
Cyrus neemt de titel ‘Koning van Perzië’ aan. Arsames, onder de Meden koning van de Perzen, moet zijn positie afstaan. Arsames’ kleinzoon Darius de Grote zal later Shāhanshāh worden.

Pteria, Koning Croesus van Lydie
Babylon, Egypte en Lydië waren bondgenoten van het verslagen Medië en daarmee voor Cyrus een voor de hand liggend doelwit. Als eerste neemt de Pers het op tegen het Lydië van koning Croesus, een staat in het westen van Klein-Azië. De Lydiërs hebben namelijk de Achaemenidische stad Pteria in Cappadocië aangevallen. De Perzische koning vraagt de van oorsprong Griekse Ioniërs, nu inwoners van het Lydische rijk, in opstand te komen. Zij weigeren. Niettemin marcheert Cyrus naar Pteria. De slag aldaar, in 547, eindigt onbeslist en beide partijen lijden zware verliezen. Croesus trekt zich terug naar zijn hoofdstad Sardis.

Dromedarissen
Terwijl Croesus zich schuilhoudt in Sardis, vraagt hij zijn bondgenoten tevergeefs om hulp tegen de Perzen. Op de vlakte van Thymbra, ten noorden van Sardis, vecht Cyrus de beslissende veldslag tegen de restanten van het Lydische leger. Op advies van Harpagus positioneert hij zijn dromedarissen voor zijn infanterie. De Lydische paarden, niet gewend aan de geur van deze dieren, raken in paniek en het leger van Croesus slaat uiteindelijk op vlucht.
Na een belegering van 14 dagen valt ook de hoofdstad. Lydië is in handen van de Perzen.

Opis, Nabonidus van Babylon
De volgende veldslag vind plaats in september 539 v. Chr. Tijdens zijn invasie van Mesopotamië, neemt Cyrus het op tegen de Babyloniërs onder leiding van Nabonidus. Babylon is nog de enige macht van betekenis in het westen van Azië die nog niet onder Perzische heerschappij is gebracht. De slag word geleverd in of vlakbij de stad Opis, ongeveer 80 km ten noorden van het huidige Bagdad. Opis is van groot strategisch belang. De Medische muur, een verdedigingswal ten noorden van Babylon, kan vanaf dat punt worden doorbroken. Daarbij kunnen de Mesopotamische rivieren hier worden overgestoken. Opis valt in Cyrus’ handen, en niets belet hem door te stoten naar Babylon.

Op tien oktober valt de stad Sippar zonder slag of stoot in handen van Cyrus. De Babylonische bevelhebbers geven zich over na onderhandelingen en voorkomen zo een gewapend treffen. Nabonidus vlucht van Sippar naar Babylon. Cyrus’ troepen trekken naar de hoofdstad en kunnen daar op twaalf oktober gewoon naar binnen lopen. Geen weerstand, geen verzet. Volgens Herodotus hebben de Perzen de Eufraat omgeleid zodat het waterpeil zakte. Ze konden de rivier doorwaden en zo ’s nachts Babylon binnengaan. Op 29 oktober gaat Cyrus zelf de stad, neemt Nabonidus gevangen en roept zichzelf uit tot koning.

Cyruscilinder
Een van de voornaamste bronnen over de Mesopotamische campagne van Cyrus zijn de ‘kronieken van Nabonidus’. Dit is een verzameling kleitabletten dat verhaalt over de Babylonische oudheid. Daarnaast is er informatie overgeleverd via de Cyruscilinder, een cilinder van klei waarop Cyrus zijn daden propageert en zich als bevrijder van Babylon profileert.

“Ik ben Cyrus, koning van de wereld, de grote koning, de machtige koning, de koning van Babylon, de koning van de vier werelduiteinden. […]
Van Babylon tot AÅ¡Å¡ur en Sousa, van Akkad, EÅ¡nuna, Zamban, Me Turnu en Der tot aan gebied van het land Gutium, heilige steden aan de overzijde van de Tigris, die daar van oudsher opgegeven waren – de goden die er wonen deed ik naar hun plaats terugkeren en een eeuwige woonplaats vestigde ik voor hen.
Al hun mensen verzamelde ik en deed hen naar hun woonplaatsen terugkeren en de goden van het land Babylonië, die Nabonidus tot woede van de heer der goden naar Babylon gebracht.had, liet ik op bevel van Marduk, de grote heer, in welbevinden, in hun onderkomens een woonplaats naar hartenwens bewonen.”
(fragment uit de Cyruscilinder. Bron: J. Lendering, Oorlogmist. Amsterdam 2006. pag. 29)

Het Perzische Rijk bij de dood van Cyrus

Massageten
Na zijn overwinning op Nabonidus wil Cyrus de Massageten onderwerpen. Dit is een Aziatische nomadenstam die leeft bij de Kaspische Zee. Tijdens deze campagne komt Cyrus om het leven, aldus Herodotus. Zijn zoon Cambyses II volgt hem in augustus 530 op. Het Perzische Rijk loopt op dat moment van het huidige Turkije, Israël en Armenië in het westen tot aan Kazachstan en Kirgizië in het noorden. De Indusrivier is de oostgrens: het grootste rijk dat de wereld tot dan toe heeft gezien.

Het graf van Cyrus

 

Door Wayne Jackson – Een van de uitzonderlijke voorspellingen in de bijbel kunnen we vinden in het laatste vers van Jesaja 44, samen met 45:1 en volgende. Het gaat om Cyrus, koning van Perzië. Volgens de geschiedschrijver Herodotus was Cyrus de zoon van Cambyses I. Hij beklom de troon van Perzië in 559 voor Chr. Negen jaar later onderwierp hij de Meden, zodat door hem de koninkrijken der Meden en Perzen werden verenigd.

Cyrus wordt zo’n twintig keer vermeld in de Bijbel. Jesaja spreekt over Cyrus als de schaapherder van Jehovah en de “Gezalfde des Heren” die door de Voorzienigheid was aangesteld om het Goddelijke plan mogelijk te maken. God zou deze heerser leiden om volkeren te onderwerpen en deuren te openen (een toespeling op de bevrijding van de Joden uit de Babylonische gevangenschap). Hij zou onbegaanbare wegen toegankelijk maken om de terugkeer der Joden naar hun eigen land te vergemakkelijken. Cyrus zou uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de wederopbouw van Jeruzalem en de tempel.

Opmerkelijk is dat de koning deze edele taak zou volbrengen zonder Jehova te kennen. Met andere woorden zou hij, hoewel in denken en doen een heiden, als een onwetend werktuig in de handen van de Heer, krachtig bijdragen aan het welzijn van de Joden en zo gedeeltelijk bijdragen aan de komst van Gods gezalfde, Jezus van Nazareth.
Ten slotte vermelden wij als interessant terzijde, dat de Joodse geschiedschrijver Josephus verklaarde dat de in Babylonië in ballingschap levende Joden de geschriften van het oude testament aan Cyrus toonden, waarin zijn naam werd vermeld en zijn rol in Gods plan werd beschreven. De geschiedschrijver zegt dat hierdoor de heerser er toe werd gebracht om “het geschrevene uit te voeren” en daardoor toestemming te geven aan de Israëlieten om naar hun vaderland terug te keren.

Opgravingen in Babylon (1879-1882) leidden tot de ontdekking van de rol van Cyrus, die een prachtige getuigenis bevat van het Bijbelverhaal. Het menslievende bewind van Cyrus wordt als volgt weergegeven: Al hun volkeren heb ik samengebracht en terug gebracht naar hun woonplaatsen.


540 v.Chr.  – Op 29 oktober wordt wereldwijd de Wereld Cyrus Dag van de Mensenrechten gevierd. Verdedigers van de mensenrechten vieren deze dag als blijk van waardering voor de beroemde Cilinder van Cyrus, die bekend staat als de eerste verklaring over mensenrechten ter wereld. Het was de dag dat Cyrus een einde maakte aan slavernij en dictatoriale onderdrukking, zijn doel was om dergelijke onmenselijke tradities over de hele wereld uit te roeien.

Hierdoor werden de Perzen pioniers op het gebied van vrijheid van godsdienst en cultuur voor alle minderheden ter wereld. Op deze dag werd Cyrus officieel gekroond en op de dag van de kroning las Cyrus in de Tempel van Marduk het Handvest van de Vrijheid voor. Cyrus voerde in zijn tijd een beleid van verdraagzaamheid en gelijkheid dat de sleutel was tot het creëren van de grootste vorm van verenigde naties in de wereld.

Cyrus de Grote ging de stad Babylon in 539 voor Christus binnen, en bevrijdde en beschermde de 50.000 Joodse ballingen, die door de Babyloniërs gevangen waren genomen. Hij hielp hen terug te keren naar hun thuisland en tevens om hun tempel in Jeruzalem weer op te bouwen op kosten van de Perzische belastingbetaler, en met een grote financiering vanuit zijn eigen Koninklijke schatkist. Het edict van Cyrus voor de herbouw van de Tempel in Jeruzalem betekende een groots tijdperk in de geschiedenis van het Joodse volk. Hij werd later in de Hebreeuwse Bijbel (Oude Testament) beschouwd als een door Jahweh gezonden messias, als de beschermheer en verlosser van de Joden.

Uit deze verklaringen blijkt dat Cyrus de Grote, koning van Perzië, de vorst was onder wie de gevangenschap en slavernij eindigde.
In het vredeshandvest van Cyrus de Grote uit 540 v.Chr. stond: “Nu ik de kroon draag van het koninkrijk van Perzië, verklaar ik dat ik de tradities, gewoonten en religies van de volkeren van mijn rijk zal respecteren en nooit zal toestaan dat een van mijn bestuurders en ondergeschikten op hen neerkijkt of hen beledigt. Ik zal mijn monarchie aan geen enkele natie opleggen. Ieder is vrij om het te accepteren, en als een van hen het afwijst, zal ik nooit tot oorlog besluiten om te regeren. Ik zal nooit toestaan dat iemand een ander onderdrukt, en als dat zich voordoet, zal ik zijn of haar rechten herstellen en de onderdrukker bestraffen. Ik zal nooit toestaan dat iemand roerende of onroerende eigendommen van een ander met geweld of zonder vergoeding in bezit neemt. Zolang ik leef, zal ik onbetaalde, gedwongen arbeid voorkomen. Ik kondig heden aan dat iedereen vrij is om een religie te kiezen. Mensen zijn vrij om te wonen in alle regio’s en elk werk te doen op voorwaarde dat ze nooit andermans rechten schenden. Niemand kan worden gestraft voor fouten van zijn of haar familieleden. Ik verhinder slavernij en mijn gouverneurs en ondergeschikten zijn verplicht om het uitwisselen van mannen en vrouwen als slaven in hun eigen bestuursgebied te verbieden. Zo’n traditie moet in de hele wereld worden uitgeroeid… meer

Het handvest van de Rechten van de Mens, geschreven door Cyrus de Grote, wordt geprezen als de eerste verklaring over mensenrechten, en dateert van bijna twee millennia (± 1700 jaar) vóór de Magna Charta. In 1971 werd de VN-vertaling gepubliceerd in de officiële talen van de Verenigde Naties. Hij wordt nu bewaard in het British Museum en het is niet overdreven om te zeggen dat het een van de meest waardevolle historische verslagen van de wereld is. Ook op het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York wordt een replica van het Handvest van de Rechten van de Mens van Cyrus bewaard.

In 530 v.Chr. werd Cyrus de Grote gedood op het slagveld door een wond van een giftige pijl die hij opliep bij een veldtocht tegen de Massagetes uit Centraal-Azië. Hij wordt beschouwd als een van de de meest gerespecteerde wereldleiders tot nu toe. Hij vond dat alle volkeren gelijke rechten hadden en respecteerde de cultuur, taal en religie van de onderworpen landen. Cyrus was relatief liberaal. Terwijl hij zelf regeerde volgens de leer van Zarathustra, deed hij geen poging om het zoroastrisme op te leggen aan de mensen in de door hem onderworpen gebieden. Hij was een zeer verstandig en praktisch persoon, hij vocht altijd zij aan zij met zijn soldaten en liet hen nooit alleen op het slagveld.

Zijn wens was in Pasargadae begraven te worden, om weer terug te keren op Perzische grond. Hij verontschuldigt zich tegenover het volk dat de grond van zijn graftombe een tijdlang niet gebruikt kan worden. Cyrus de Grote, stichter van de grootste vorm van Verenigde Naties tot op heden, rust in vrede in Pasargadae. Zijn licht schijnt over de toekomst van de wereldbeschaving.

Het Perzische koninkrijk in de hoogvlakte van Iran ontstond door toedoen van het koningsgeslacht van de Achaemeniden, dat vermoedelijk vanaf de 9e eeuw v.Chr. zijn gebied had uitgebreid.

Stichter en naamgever van dit koningsgeslacht was Achaemenes (van het oud Perzische Haxamanis). De Achaemeniden zijn afstammelingen van Achaemenes. Darius de Grote, de negende koning uit het vorstenhuis, verklaarde van hem af te stammen en beweerde “Daarom worden wij Achaemeniden genoemd”. Achaemenes heeft de staat Parsumash gesticht in het zuidwesten van Iran en werd opgevolgd door Teispes die zich koning van Anshan noemde nadat hij de stad Anshan en het gehele koninkrijk van Anshan had veroverd.

Oude geschriften vermelden dat Teispes een zoon had die Cyrus I heette, die zijn vader opvolgde als heerser van Anshan. Cyrus I had een broer die Ariramnes heette.
In 600 v.Chr. werd Cyrus I opgevolgd door zijn zoon Cambyses I die regeerde tot 559 v.Chr. Cyrus II was een zoon van Cambyses I die hem vernoemde naar zijn vader Cyrus I.

Cyrus II de Grote, de stichter van het Perzische Rijk, wordt in de Bijbel Kores genaamd en in het Perzisch Kurush, Cyrus is een Latijnse vorm van de Perzische naam Kurush.
De naam en betekenis is in verscheidene talen opgetekend in oude geschriften. De oude Griekse geschiedschrijvers Ktesias en Plutarchus schreven dat Cyrus was vernoemd naar Kuros, de zon, een begrip dat is uitgelegd als betekenend Khurvash: als de zon, de Perzische naam voor zon is Khor en vash betekent gelijk.
Karl Hofmann verbond de naam met een Indo-Europese oorsprong, dan betekent Cyrus: ”Genadige heerser over de vijand”.

Geschiedenis van het koningshuis
In Pasargadae is een afbeelding gevonden van de standaard van Cyrus II: een wachter met vier vleugels, waar op de bovenkant van de afbeelding staat: Ik ben Cyrus de koning, een Achaemenid.

Cyrus de Grote en latere koningen verwijzen naar Cambyses I als “de grote koning en koning van Anshan”. Daarbij zijn er sommige tekstgedeelten in de rol van Cyrus waar hij zichzelf “Zoon van Cambyses, de grote koning, koning van Anshan” noemt. Een ander geschrift van Cyrus noemt Cambyses I “Machtige koning en Achaemenid”, wat echter door de meeste geleerden zou zijn opgetekend onder Darius I en wordt beschouwd als een vervalsing in opdracht van Darius. Toch wordt de grootvader van moederszijde van Cambyses II, Pharnaspes, door Herodotus een Achaemenid genoemd.

In de “Cyropaedia”, geschreven door de Griekse geschiedschrijver Xenophon, wordt de vrouw van Cambyses I Mandane genoemd en Cambyses koning van Perzië. Dit komt overeen met de geschriften van Cyrus, want Anshan en Pars waren verschillende namen voor hetzelfde land.
Dit komt overeen met andere niet Iraanse geschriften, behalve een stuk van Herodotus waarin Cambyses I niet een koning maar een Pers van aanzienlijke afkomst wordt genoemd. Het verhaal van Herodotus over de naam van de zoon van Teispes, die hij Cambyses noemt, is volgens hedendaagse geleerden echter ook onjuist; dat zou Cyrus I moeten zijn.

Op grond van oudheidkundig onderzoek, de afstamming zoals in het geschrift van Behistun weergegeven en de geschiedschrijving van Herodotus, wordt Cyrus de Grote als een Achaemenid beschouwd.

Door M. Waters wordt echter verondersteld dat Cyrus niet verwant is aan de Achaemeniden of Darius de Grote, maar dat zijn familie afstamde van Teispes en niet van het geslacht van de Achaemeniden.

Het geboortejaar van Cyrus de Grote is ofwel 600–599 of 576–575 v.Chr. Over zijn jonge jaren is niet veel bekend aangezien er weinig bronnen zijn over dit deel van zijn leven, terwijl er ook veel is verloren gegaan.

Het verhaal van Herodotus over de jeugd van Cyrus behoort tot het soort verhalen waarin vondelingen van edele afkomst als Oedipus, Romulus en Remus terugkeren om het hen toekomende koningschap op te eisen.

Evenals over helden uit andere beschavingen en stichters van grote rijken, zijn er volksverhalen in overvloed over zijn afkomst. Volgens Herodotus was hij een kleinzoon van de Medische koning Astyages en werd hij opgevoed door eenvoudige herders. In een ander verhaal wordt hij voorgesteld als de zoon van een arm gezin dat werkte bij het Medische hof.

Deze volksverhalen worden echter tegengesproken door de getuigenis van Cyrus zelf, dat hij zijn vader en grootvader was opgevolgd als koning van Perzië. Na de geboorte van Cyrus had zijn grootvader Astyages een droom die door zijn magiërs werd uitgelegd als een teken dat hij ooit door zijn kleinzoon zou worden onttroond.
Daarom gaf hij aan zijn dienaar Harpagos opdracht om de knaap te doden. Aangezien die het niet over zijn hart kon verkrijgen om een pas geboren kind om te brengen, gaf hij bevel aan Mitridates (door de geschiedschrijver Nicolaos van Damascus Atradates genoemd) om de zuigeling in de bergen te laten sterven. Gelukkig kregen een herder en zijn vrouw medelijden, zij voedden hem op als hun eigen kind en verwisselden hun eigen dode kind met de vermoorde Cyrus.

Voor de oorsprong van de moeder van Cyrus de Grote noemde Herodotus Mandane van Media en Ktesias beweert met stelligheid dat zij volledig Perzisch was,maar hij vermeldde niet haar naam, terwijl Nicolaos van Damascus haar Argosta noemt, als de vrouw van Atradates.
Of deze vrouw Cyno voorstelt of de ongenoemde vrouw van Cambyses (de Perzische koningin) is niet zeker. Ook wordt opgemerkt dat de schrijver Strabo beweerde dat Cyrus oorspronkelijk Atradates werd genoemd door zijn pleegouders. Daarom is het waarschijnlijk dat bij terugkeer naar zijn eigen familie, vader Cambyses zijn zoon Cyrus noemde, zoals ook zijn eigen vader had geheten.

Herodotus beweerde dat toen Cyrus tien jaar oud was geworden het duidelijk werd dat hij geen herderszoon was, aangezien zijn gedrag edel was. Astyages ondervroeg de jongen en merkte op dat zij op elkaar leken. Astyages gaf Harpagos bevel om uit te leggen wat hij met het kind had gedaan en nadat Harpagos had bekend dat hij de jongen niet had gedood, dwong Astyages hem om zijn eigen zoon gekookt en in stukken gehakt op te eten.

Astyages was toegeeflijker voor Cyrus en stond hem toe om naar zijn echte ouders (Cambyses en Mandane) terug te keren. Hoewel de beschrijving van Herodotus een legende zal zijn geweest, geeft dit toch een beeld van de mensen rond Cyrus in zijn jonge jaren.

Cyrus de Grote was getrouwd met Cassandane. Zij was een Achaemenidische en een dochter van Pharnaspes. Uit dit huwelijk werden vier kinderen geboren: Cambyses II, Bardiva (Smerdis ), Atossa en een andere dochter die niet in de geschiedschrijving is vermeld. Cyrus had nog een andere dochter, Artustone, een zuster of halfzuster van Atossa die mogelijk een dochter is geweest van Cassandane. Cassandane hield heel veel van Cyrus, zo zeer dat zij het erger vond om Cyrus te verliezen dan haar eigen leven, zoals zij op haar eigen sterfbed bekende.

Volgens de kroniek van Nabonidus waren alle volkeren in het rijk van Cyrus in diepe rouw en in Babylonië werd er waarschijnlijk een week gerouwd (van 21 tot en met 26 maart 538 v.Chr. Er wordt ook beweerd dat Cyrus met een dochter van de Medische koning Astyages was getrouwd, namelijk Amytis. Deze naam is echter niet juist. Waarschijnlijk heeft Cyrus na de dood van Cassandane een Medische vrouw getrouwd uit de Koninklijke familie. Cambyses, de zoon van Cyrus, zou koning van Perzië worden en zijn dochter Atossa zou trouwen met Darius de Grote en hem een kind baren met de naam Xerxes.

Hoewel zijn vader stierf in 551 v.Chr. was Cyrus de Grote hem al opgevolgd in 559 v.Chr. Cyrus was mogelijk echter geen onafhankelijk heerser. Zoals zijn voorgangers moest
Cyrus erkennen dat hij onderdaan was van de Medische koning. Tijdens de regering van Astyages zou het Medische rijk hebben geheerst van de Lydische grens in het westen tot en met de Parten en de Perzen in het oosten.

Naar Herodotus vertelde had Harpagos uit wraak Cyrus overgehaald om een opstand te beginnen tegen het Medische rijk. Harpagos en Cyrus kwamen dus in opstand uit ongenoegen over de regering van Astyages. Vanaf het begin van de opstand in de zomer van 553 v.Chr. leidde Harpagos samen met Cyrus zijn legers tegen de Meden, tot de Medische hoofdstad Echbatana in 540 v.Chr. werd veroverd, waardoor het Medische rijk feitelijk was veroverd.
Hoewel Cyrus de Medische kroon blijkbaar in 546 v.Chr. heeft aanvaard heeft hij de titel koning van Perzië aangenomen. Nadat Astyages zijn macht had verloren waren al zijn leenmannen in dienst gekomen van Cyrus en diens talloze verwanten. Zijn oom Arsames, die onder de Meden koning van Parsa was geweest, moest daarom zijn troon opgeven. Deze machtoverdracht schijnt echter binnen de Koninklijke familie soepel te zijn verlopen en waarschijnlijk bleef Arsames in naam heer van Parsa onder het bestuur van Cyrus, maar meer als prins of groothertog dan als koning. Zijn zoon Hystaspes, die een achterneef was van Cyrus, werd stadhouder van het land der Parten en Phrichië. Op deze wijze verenigde Cyrus de Grote de twee Achaemenidische koninkrijken Parsa en Anshan tot het eigenlijke Perzië. Arsames zou nog meemaken dat zijn kleinzoon Darius de Grote koning der koningen zou worden na de dood van de beide zoons van Cyrus.
De verovering van het land der Meden was pas het begin van de oorlogen van Cyrus.

Het Lydische rijk en Klein Azië
Het juiste tijdstip waarop het Lydische rijk werd veroverd is onbekend. Maar het moet hebben plaatsgevonden tussen de verovering van het Medische koninkrijk (550 v.Chr.) en de verovering van Babylonië (539 v.Chr.).

Vroeger werd algemeen aangenomen dat 547 v.Chr. het jaar was van de verovering als gevolg van de uitleg van de geschiedenis van Nabonidus maar tegenwoordig nog maar zelden. De Lydiërs vielen eerst Ptera in Capadocië aan in het Achaemenidische rijk. Zij veroverden de stad en brachten de bevolking tot slavernij. Ondertussen moedigden de Perzen de bewoners van de Ionische gebieden aan om in opstand te komen tegen de Lydiërs. Het aanbod werd afgeslagen en dus verzamelde Cyrus een leger en rukte op tegen de Lydiërs, terwijl hij onderweg zijn legers uitbreidde in de gebieden waardoor hij optrok tegen de Lydiërs.

De slag bij Ptera bleef onbeslist, met een groot verlies van strijders aan beide kanten. Toen de avond was gevallen, vertrok Croesus naar Sardes. Daar stuurde Croesus brieven naar zijn bondgenoten om hulp te sturen naar Lydië.

Aan het eind van de winter echter, voordat de bondgenoten zich hadden kunnen verzamelen in het rijk van Croesus, begon Cyrus de oorlog in het Lydische gebied en belegerde Croesus in zijn hoofdstad Sardes. Voor de slag bij Thimbra tussen beide heersers gaf Harpagos aan Cyrus de raad om zijn dromedarissen op te stellen voor zijn krijgers, dan zouden de Lydische paarden, niet gewend aan de geur van de dromedarissen, zeer angstig worden. De strijdlist werkte. De Lydische ruiterij werd vernietigd. Cyrus versloeg Croesus en nam hem gevangen. Cyrus bezette de stad Sardes en had in 546 v.Chr. het Lydische koninkrijk veroverd.

Volgens Herodotus spaarde Cyrus het leven van Croesus en gebruikte hem als raadgever. Maar dit verhaal is in strijd met enige vertalingen van de verslagen van de tijdgenoot Nabonidus, de koning die zelf was onderworpen na de verovering van Babylon. Hij beweerde dat Croesus werd gedood. Voor zijn terugkeer naar Perzië vertrouwde Cyrus de schatkisten van Croesus toe aan Pactyas om ze naar Perzië te sturen. Spoedig na het vertrek van Cyrus nam Pactyas echter huurlingen in dienst en begon een opstand in Sardes tegen de Perzische stadhouder van Lydië, Tabalos. Overtuigd door Croesus dat hij de harten van de Lydiërs met zachtheid moest winnen, zond Cyrus Mazares om de opstand te onderdrukken, waarbij Pactyas levend moest worden uitgeleverd. Bij de aankomst van Mazares vluchtte Pactyas naar Ionië, waar hij nog meer huurlingen had aangeworven. Mazares viel met zijn troepen het Griekse gebied binnen en onderwierp de steden Magnesia en Priene. Het einde van Pactyas is onbekend, maar nadat hij gevangen was genomen is hij waarschijnlijk naar Cyrus gezonden en na langdurige marteling ter dood gebracht.

Mazares ging door met de verovering van Klein Azië maar stierf door onbekende doodsoorzaak tijdens zijn veldtocht in Ionie. Cyrus zond Harpagos om de door Mazares begonnen verovering van Klein Azië te voltooien. Harpagos veroverde Lycia, Cilycia en Phoenicia. Hij maakte gebruik van aarden wallen om de muren van de belegerde steden te veroveren, een werkwijze die de Grieken niet kenden. Hij had de verovering van het gebied voltooid in 542 v.Chr. en keerde terug naar Perzië.
Als we uitgaan van de huidige grenzen strekte het rijk van de Achaemeniden zich onder de regering van Cyrus uit van Turkije, Israël, Georgië en Arabië in het westen tot Kazakstan, Kyrgistan, de Indus (Pakistan) en Oman in het oosten. Perzië werd het grootste rijk dat de wereld ooit had gezien.

In ± 540 v.Chr. veroverde Cyrus Elam (Susiana) en de hoofdstad Susa. In het verhaal over het leven van Nabonidus staat dat Nabonidus had opgedragen om de standbeelden uit de afgelegen steden in Babylonië over te brengen naar de hoofdstad Babylon. Het Babylonische leger was verslagen. Op 10 oktober werd Sippar zonder strijd ingenomen. Begin oktober streed Cyrus in de slag om Opis bij de oever van de Tigris ten noorden van Babylon. Waarschijnlijk onderhandelde Cyrus met de Babylonische generaals om een compromis te bereiken en daardoor een gewapende strijd te voorkomen. In die periode vluchtte Nabonidus naar Babylon, de hoofdstad waar hij jaren niet was geweest. Twee dagen later, op 7 oktober, bezetten Gubaru’s troepen, alweer zonder enige tegenstandstand van het Babylonische leger de stad Babylon en werd Nabonidus gevangen genomen.

Herodotus vertelt dat de troepen van Cyrus gebruik maakten van een bekken dat de Babylonische koningin Nitokris vroeger had laten graven om Babylon te beschermen tegen Medische aanvallen. De Euphraat werd omgeleid naar een gracht, zodat het wateroppervlak daalde tot kniehoogte, waardoor de manschappen ‘s nachts door de bedding van de rivier op konden rukken om Babylon in te nemen. Op 29 oktober kwam Cyrus Babylon binnen en liet Nabonidus gevangen nemen.

Voordat Cyrus Babylon was binnen gevallen, had het Nieuw Babylonische rijk vele koninkrijken veroverd. Naast Babylon voegde Cyrus waarschijnlijk de onderworpen volkeren van deze landen, zoals Syrië, Judea en Arabië toe aan zijn rijk, hoewel daarvoor geen bewijs bestaat.

Na de inname van Babylon riep Cyrus in de beroemde Cyrusrol zich zelf uit tot koning van Babylon, koning van Sumer en Akkad, koning van de vier werelddelen. In deze rol werd beweerd dat Nabonidus ongelovig was en werd Cyrus aangeprezen als overwinnaar omdat hij de god van Babylon, Marduk, dierbaar was. Vermeld werd hoe Cyrus de levensomstandigheden van de bewoners van Babylonië had verbeterd en hoe hij de naar Babylonië gebrachte volkeren weer naar hun eigen land had laten terugkeren, terwijl ook tempels en heiligdommen werden hersteld. Hoewel sommige menen dat de wetsrol kan worden beschouwd als een verklaring van mensenrechten, gaan de wetenschappelijke geschiedschrijvers er gewoonlijk van uit dat de rol de gebruikelijke verklaring van nieuwe heersers is die hervormingen wilden aankondigen.
Het rijk van Cyrus de Grote was het grootste rijk dat de wereld dat dan toe ooit had gezien. Aan het eind van de regering van Cyrus strekte het Achaemenidische rijk zich uit van Klein Azië in het westen tot de noordwestelijke gebieden van India in het oosten.

Dood
De bijzonderheden over de dood van Cyrus verschillen van verslag tot verslag. In zijn geschiedschrijving deed Herodotus een uitgebreid verslag over hoe Cyrus zijn einde vond in de strijd met de Massageten, een stam uit de zuidelijke woestijnen van het tegenwoordige Khwarizim en Kyzyl Kum in het zuidelijkste gedeelte van de steppegebieden van het tegenwoordige Kazakstan en Uzbekistan, aangezien hij gehoor gaf aan de raadgevingen van Croesus om ze in hun eigen gebied aan te vallen.

De Massageten, een Aziatische nomadenstam die leeft bij de Kaspische Zee, vochten te paard en te voet. Om haar gebied te verwerven bood Cyrus aan om met hun koningin Tomyris een huwelijk te sluiten, welk aanbod zij verwierp. Toen poogde hij zich met geweld meester te maken van het land van de Massageten door de rivier Jaxartes of Syr Darya die hen scheidde over te steken, door bruggen te bouwen en schepen met gevechtstorens in te zetten aan zijn kant van de rivier. Koningin Tomyris zond hem een waarschuwing om op te houden met zijn poging om de rivier over te steken of anders op een door haar aangewezen plaats met ere te strijden. Hij aanvaardde haar aanbod, maar toen hij er lucht van kreeg dat de Massageten geen wijn kenden en dus ook niets wisten over dronkenschap en bedwelming bij het overmatig gebruik daarvan, heeft hij een kamp opgericht waar volop wijn aanwezig was en daar zijn slechtste strijders achtergelaten, terwijl hij de beste strijders met zich meenam.

De bevelhebber van het leger van Tomyris, haar zoon Spargapises, en een derde deel van het Massagetische leger doodden de mannen die Cyrus had achtergelaten, en vielen aan op de voorraad voedsel en wijn, tot zij bewusteloos waren en zich niet meer konden verdedigen. Toen werden zij aangevallen en verslagen. Aanvoerder Spargapises pleegde zelfmoord toen hij uit zijn roes was ontwaakt. Toen zij had vernomen wat er was gebeurd noemde Tomyris de strijdwijze van Cyrus minderwaardig en bezwoer dat zij wraak zou nemen. Ze verzamelde een nieuwe menigte strijders. Cyrus de Grote werd gedood en velen van zijn strijders raakten zwaar gewond in een slag die volgens Herodotus de zwaarste strijd was die Cyrus ooit had gestreden. Na de strijd gaf Tomyris bevel het lichaam van Cyrus naar haar toe te brengen, waarop zij het onthoofde en de schedel in een vat bloed doopte als uiting van wraak voor zijn bloeddorstigheid en de dood van haar zoon. Overigens bestrijden sommige geleerden dit verhaal. Herodotus schreef zelf dat dit een van de vele verschillende vertelsels was over de dood van Cyrus. Hij had het gehoord van een mogelijk betrouwbare getuige, die zei dat niemand het resultaat van de strijd had gezien.

Herodotus vertelt ook dat Cyrus in zijn slaap de oudste zoon van Hystaspes (Darius I) had gezien met vleugels op zijn schouders, waarvan er een schaduw wierp over Azië en een ander over Europa. De Iran-deskundige Ilya Gershevitch legt deze verklaring van Herodotus en haar raakvlakken met de afbeelding met de vleugels van Cyrus uit op de volgende wijze:

“Naar ik veronderstel kan Herodotus hebben geweten van de nauwe samenhang van dit gevleugelde beeld en de afbeelding van het Iraanse koningschap, dat hij verbond met een droom die de dood van de koning voorspelde voor zijn laatste en noodlottige veldtocht”.
Dandamayev zegt, in tegenstelling tot het verhaal van Herodotus, dat de Perzen het lijk van Cyrus hebben meegenomen van de Massageten.
Ctesias vertelt in de Persica dat Cyrus de dood vond terwijl hij bezig was om het verzet te onderdrukken van de voetsoldaten van de Derbicen, die geholpen werden door Scitische boogschutters en Indiërs met hun olifanten. Volgens hem gebeurde dit bij de Syr Darya. Een ander relaas vertelt Xenophon die in “De opvoeding van Cyrus” de andere verhalen tegenspreekt en vertelt dat Cyrus rustig is gestorven in zijn hoofdstad. Tenslotte de weergave van Berossos over de dood van Cyrus, die alleen vertelt dat Cyrus is gestorven in de strijd tegen de Dahae boogschutters bij de Syr Darya.

Het graf van Cyrus
De overblijfselen van Cyrus werden begraven in zijn hoofdstad Pasargadae, waar nu nog steeds een graf uit 540-530 v.Chr. is waarvan velen geloven dat het zijn graf is. Zowel Strabo als Arrianus beschrijven het graf bijna op de zelfde wijze, waarbij zij gebruik maken van het verslag van Aristobulus van Cassandreia, die op verzoek van Alexander de Grote het graf tweemaal heeft bezocht. Hoewel de stad zelf alleen nog maar uit puin bestaat, is het graf van Cyrus nog grotendeels gespaard gebleven en gedeeltelijk hersteld om het verval in de loop der jaren tegen te gaan. Volgens Plutarchus luidde zijn grafschrift: ”O mens, wie u ook bent en waar vandaan u ooit komt, want ik weet dat u zult komen, ik ben Cyrus die voor de Perzen hun rijk heeft gesticht, misgun mij daarom niet dit beetje aarde dat mijn gebeente bedekt”.

Volgens bronnen in Babylonisch spijkerschrift stierf Cyrus in december 530 v.Chr. en werd hij opgevolgd door zijn zoon, Cambyses II. Cambyses II zette de uitbreidingspolitiek van zijn vader voort en veroverde Egypte, maar stierf na slechts zeven jaren te hebben geregeerd. Hij werd opgevolgd ofwel door de tweede zoon van Cyrus, Bardiya, of door een bedrieger die zich voordeed als Bardiya. Deze was zeven maanden lang de alleenheerser van Perzië tot hij op bevel van Darius de Grote werd gedood.

In vertalingen uit Griekenland en Rome wordt het graf in Pasargadae enthousiast beschreven, zowel de afmetingen als de schoonheid. De vorm van het graf is in de loop der jaren weinig veranderd, het bestaat nog steeds uit een vierkant platform waarop kleinere rechthoekige stenen trapsgewijs zijn opgestapeld, daar bovenop de grafkamer, een bouwwerk met een dak en een klein venster waar zelfs de kleinste man niet doorheen kan glippen.

In dit gebouw stond een gouden sarcofaag met daarin het lichaam van Cyrus de Grote. Zijn rustplaats was bedekt met tapijten en kleden gemaakt door eersteklas Medische ambachtslieden van de beste stoffen uit Babylon. Eronder lag een fijn geweven rood tapijt dat de hele rechthoekige grafkamer bedekte. Volgens Griekse teksten lag het graf in de vruchtbare tuinen van Pasargadae, omringd door bomen en sierplanten, met een groep Achaemenidische beschermers, die vlak bij het graf gestationeerd waren om het gebouw te beschermen tegen diefstal en beschadiging.

Jaren later, in de verwarring na de inval van Alexander de Grote in Perzië en de nederlaag van Darius III, werd het graf van Cyrus de Grote geschonden en de meest luxueuze goederen buitgemaakt. Toen Alexander bij het graf aankwam was hij ontdaan door de wijze waarop het graf was behandeld, hij ondervroeg de magiërs en bracht ze voor het gerecht. Volgens sommige verslagen was Alexanders besluit om de magiërs voor het gerecht te brengen meer bedoeld om hun invloed te ondermijnen en om zijn macht te tonen in zijn net veroverde rijk dan uit bezorgdheid voor het graf van Cyrus. Hoe dan ook, Alexander de Grote gaf Aristobulos het bevel het graf te herstellen. Niettegenstaande zijn bewondering voor Cyrus de Grote en zijn pogingen om het graf van Cyrus te herstellen, had Alexander zes jaar eerder (330 v.Chr.) Persepolis verwoest, de rijke stad die Cyrus had helpen bouwen, en had hij bevel gegeven om die stad in brand te steken als een daad van Griekse wraak, hoewel de brand ook ontstaan kon zijn als gevolg van dronkenschap van hem en van zijn mannen.

Het gebouw heeft de jaren doorstaan, evenals invallen, onderlinge verdeeldheid, achtereenvolgende koninkrijken, verandering van heerschappij, opstanden en omwentelingen. De laatste belangrijke heerser van Perzië die de aandacht richtte op het graf tijdens de viering van 2500 jaar erfelijke heerschappij was Mohammed Reza (Sjah van Iran), de laatste erkende heerser van Iran. Net zoals Alexander de Grote voor hem, wilde de sjah de erfenis van Cyrus benutten om zijn eigen heerschappij te rechtvaardigen. De Verenigde Naties verklaarden het graf van Cyrus de Grote en Pasargadae tot UNESCO werelderfgoed.

Cyrus de Grote in de herinnering van het nageslacht
Cyrus de Grote bevrijdde de Joden uit de Babylonische gevangenschap en bracht hen terug naar Jeruzalem om hun tempel weer op te bouwen. Daarom heeft hij een ereplaats in het Jodendom.

Hij was een held voor vele mensen, zoals Thomas Jefferson, Mohammed Reza Pahlevi, Mahmoed Ahmadinedjad en David ben Gurion.
Charles Freeman in “Wat de Grieken hebben bereikt (The Greek achievement): “Hij heeft veel meer tot stand gebracht dan de Macedonische koning Alexander de Grote, die omstreeks 320 v.Chr. zijn rijk heeft vernietigd, maar geen andere blijvende oplossing heeft geboden.”

Wat Cyrus de Grote heeft bereikt, blijkt uit de wijze waarop hij door het nageslacht wordt herinnerd. Zijn eigen volk, de Perzen, beschouwt hem als “vader”, dezelfde titel die ten tijde van de heerschappij van Cyrus zelf werd gebruikt door de vele volkeren die hij had onderworpen. Zoals Xenophon beweerde: ”en zijn onderdanen behandelde hij omzichtig alsof het zijn eigen kinderen waren, terwijl zijn onderdanen hem beschouwden als hun vader”. Wie anders dan Cyrus is, na ooit een rijk te hebben veroverd, gestorven terwijl hij door het volk dat hij onder zijn heerschappij had gebracht “vader” werd genoemd. Het is duidelijk dat deze naam eerder wordt gegeven aan iemand die geeft dan aan iemand die neemt.

De Babyloniërs beschouwden hem als bevrijder
Het boek Ezra verhaalt over de terugkomst van de Joodse ballingen tijdens de regering van Cyrus, daarom wordt Cyrus in de Tenach de Messias genoemd, en geroemd door Ezra en Jesaja.

Cyrus werd geprezen als staatsman en als soldaat. Ten dele door het staatkundige systeem dat hij in leven riep bleef het rijk der Achaemeniden nog lang na zijn dood voortbestaan.

De opkomst van het Perzische rijk onder de heerschappij van Cyrus had een grote invloed op de loop van de wereldgeschiedenis. Perzische wijsbegeerte, letterkunde en  godsdienst hebben een overheersende invloed gehad op de wereldgeschiedenis in de loop van de volgende 1000 jaar. Ondanks het feit dat Iran gedurende de zevende eeuw na Chr. door de moslims werd veroverd, bleef het land een buitengewone invloed in het midden oosten uitoefenen. Tijdens de gouden eeuw van de Islam en was het een belangrijke oorzaak voor de groei van de Islam.

Vele Iraanse dynastieën die volgden op de Achaemeniden beschouwden zichzelf als de erfgenamen van Cyrus de Grote en beweerden het werk van Cyrus voort te zetten. Er bestaan onder de geleerden echter verscheidene opvattingen of dit ook opgaat ten aanzien van de Sassanidische heersers.
Alexander de Grote was een vurig bewonderaar van Cyrus de Grote, doordat hij van jongs af aan het boek van Xenophon, de Jeugd van Cyrus, had gelezen, waarin geschreven werd over de dapperheid van Cyrus in de strijd, en dat hij een goede koning en wetgever was. Gedurende zijn bezoek aan Pasargadae gaf hij bevel aan Aristobulos om de grafkamer van Cyrus te herstellen.

Volgens professor Richard Nelson Frye speelde Cyrus, wiens vaardigheden als veroveraar en bestuurder volgens Frye worden bevestigd door de lange duur en bloei van het rijk der Achaemeniden, een bijna mythische rol onder de Perzische bevolking, te vergelijken met Romulus en Remus in Rome of Mozes onder de Israëlieten. Zijn verhaal lijkt in vele details op de verhalen over helden en veroveraars van elders in de oude wereld.

Frye schrijft: ”Hij werd het voorbeeld van de goede eigenschappen die van een heerser in de oudheid werden verwacht, hij gedroeg zich als veroveraar heldhaftig, en hij was even verdraagzaam en grootmoedig als dapper.”